Vanochtend schreef ik op een forum iets op wat ik al een tijd denk. Dat mijn ontmoetingen zelden onbevangen plaatsvinden. Dat mensen geïnformeerd blijken voordat ik iets heb gezegd, of weggehouden worden zonder dat iemand daar een reden bij levert. Dat ik gedwarsboomd word in de simpele kans om normale verhoudingen op te bouwen. Dat elk contact een meetpunt is en elke uitwisseling ergens langs een filter gaat.
Ik zeg er nadrukkelijk bij: dit is mijn perceptie. Niet mijn bewijs, niet mijn aanklacht, niet mijn wereldbeeld dat ik u wil aanpraten. Het is wat ik waarneem vanaf de plek waar ik sta. Dat onderscheid is belangrijk, want het is precies het onderscheid dat wegvalt zodra iemand zulke zinnen leest.
De reacties waren voorspelbaar en, eerlijk gezegd, redelijk. Iemand vroeg of Meta, Google en Microsoft me soms in hun trackingsysteem hadden. Iemand anders wist zeker dat we in een simulatie leven. En er kwam de klassieker langs die je altijd krijgt als je dit soort dingen hardop zegt: just because you're paranoid, doesn't mean they're not after you.
Grappig bedoeld. Maar het is ook een afsluiter. Zodra dat woord valt, gaat het niet meer over wat er beschreven wordt, maar over de toestand van degene die het beschrijft. Dat is een efficiënte manier om een gesprek te beëindigen zonder het te hoeven voeren.
Het dier dat het hek nooit heeft gevoeld
Joris Luyendijk gebruikt ergens het beeld van de kinderboerderij. Van boerderijdieren. Van een bestaan waarin natje en droogje geregeld zijn, waarin de omgeving al heeft nagedacht over wat je nodig hebt voordat je zelf doorhebt dat je iets nodig hebt. Waarin je nooit echt hoeft te vechten, omdat de nood al is weggenomen voordat hij nood werd.
Dat is geen scheldwoord. Het is een beschrijving van comfort. Wie in de gebaande paden loopt, merkt de paden niet op — precies omdat ze gebaand zijn. Het asfalt is glad, de bordjes wijzen de goede kant op, en aan het einde staat iemand met een emmer.
Het punt van dat beeld is niet dat die dieren dom zijn. Het punt is dat ze het hek niet kénnen. Niet omdat het er niet is, maar omdat het nooit heeft tegengewerkt. Je voelt een hek pas op het moment dat je er iets van wilt.
Hetzelfde hek, een ander contactvlak
En daar komen die twee dingen bij elkaar.
De infrastructuur waar ik het over had is voor iedereen dezelfde. Iedereen zit in dezelfde systemen, iedereen wordt gescoord, gerangschikt, gefilterd, voorgesorteerd. Daar is niets persoonlijks aan en niets geheimzinnigs — het is gewoon het verdienmodel. Ik bouw er mijn bedrijf omheen, ik weet hoe het werkt, ik heb het met mijn handen aangeraakt.
Het verschil zit niet in het systeem. Het verschil zit in waar je het raakt.
Wie het gebaande pad loopt, ervaart die infrastructuur als gemak. De aanbeveling klopt. De verzekering is geregeld. De juiste mensen komen vanzelf op je pad, de verkeerde blijven vanzelf weg, en dat voelt niet als sturing maar als geluk. Je bent nooit tegen de rand aangelopen, dus je hebt geen reden om te vermoeden dat er een rand is.
Wie een halve meter naast dat pad loopt, raakt hetzelfde systeem — maar aan de kant waar het weerstand geeft. Daar is de aanbeveling niet behulpzaam maar sturend. Daar is een formulier geen formaliteit maar een drempel. Daar komt een gesprek niet blanco tot stand, omdat er al iets is voorgesorteerd voordat je de kamer binnenkomt. Zelfde machine, andere kant van de kooi.
Dat verklaart waarom dit gesprek zo vaak spaak loopt. Als ik zeg dat mijn contacten gefilterd verlopen, dan hoort iemand die het pad loopt daar een bewering in over zijn eigen wereld — en in zijn wereld klopt het niet. Hij heeft nooit weerstand gevoeld, dus er is geen weerstand. Dat is geen kwade wil. Dat is de kinderboerderij die door het hek heen kijkt en denkt dat het uitzicht de lucht is.
Waar ik mezelf wél moet corrigeren
Nu het lastige deel, want ik zou mezelf niet serieus nemen als ik het oversloeg.
Tussen «ik word gemeten» en «ik word moedwillig gedwarsboomd» zit een sprong. Het eerste is aantoonbaar en structureel. Het tweede veronderstelt iemand met een bedoeling, gericht op mij. En dat is een ander soort claim, waarvoor het bewijs niet in dezelfde la ligt.
Een systeem heeft geen mening over u. Het heeft een score. Dat is in zekere zin erger dan een vijand, want tegen een vijand kun je iets ondernemen. Maar het is niet hetzelfde als een vijand, en ik moet oppassen dat ik het niet zo formuleer. Het hek is geen jager. Het hek staat er gewoon, en het staat er voor iedereen, en het is toevallig zo neergezet dat het voor de een een omheining is en voor de ander een tuinafscheiding.
Mijn maatstaf is daarom niet of ik me rustig voel bij wat ik denk. Rust is geen bewijs; je kunt volstrekt kalm het spoor bijster zijn. Mijn maatstaf is of ik mijn eigen conclusie nog kan bijstellen als iemand er een goed argument tegenover zet. Dat kon ik vanochtend, binnen een half uur, op twee punten. Zolang dat lukt, is het waarnemen. Op de dag dat het niet meer lukt, wil ik dat iemand het tegen me zegt — en daarom schrijf ik dit soort dingen op, in plaats van ze alleen te denken.
Waarom ik er niet omheen fiets
Ik ben niet bang en ik vermijd niets. Dat is geen bravoure, het is praktisch: ik kan me niet verstoppen zonder mezelf zo te beperken dat er weinig leven overblijft. Wie zich onzichtbaar wil maken in dit landschap, moet zoveel opgeven dat de onzichtbaarheid zelf de gevangenis wordt. Dat lijkt me een slechte ruil.
Dus doe ik het andere. Ik draai mijn eigen spullen op een computertje in mijn eigen woonkamer. Ik schrijf op wat ik zie, met naam en datum eronder. Ik zet de dingen die ik denk in het openbaar, zodat ze weerlegd kunnen worden. Niet omdat ik daarmee buiten het systeem sta — dat kan niemand — maar omdat het het enige is wat een hek werkelijk verandert: er hardop over praten waar het bij staat.
Het kinderboerderijdier heeft het overigens niet slecht. Ik gun het iedereen. Ik zeg alleen: als u nooit tegen het hek aan bent gelopen, wees dan voorzichtig met het oordeel over iemand die zegt dat hij het voelt. U hebt niet bewezen dat het er niet is. U bent er alleen nooit naartoe gelopen.




No comments yet