Op 29 juli 2026 nam ik 0,5 milligram risperidon. Vanavond ga ik naar 0,2. Daartussen liggen acht weken, ruim honderd check-ins en een digitaal logboek vol cijfers. Bij elke afbouwstap houd ik twee keer per dag bij hoe het gaat. Dit is het tussenverslag.
Waarom ik dit opschrijf
Afbouwen van antipsychotica gaat vaak op gevoel. Je verlaagt, je kijkt hoe het gaat, en als iemand later vraagt “hoe ging het dan?” kom je niet verder dan “wisselend”. Dat wilde ik anders. Elke ochtend noteer ik hoe ik geslapen heb en wat ik die dag wil. Elke avond geef ik de dag een cijfer, schrijf ik op waar ik dankbaar voor ben, en of het gelukt is.
Niet omdat ik van administratie hou. Maar omdat een cijfer dat je ’s avonds geeft eerlijker is dan een herinnering van drie weken later.
⚠️ Belangrijke Medische Disclaimer (klik om te openen)
De informatie hier is uitsluitend bedoeld voor educatieve en informatieve doeleinden en dient op geen enkele wijze als vervanging voor professioneel medisch advies, diagnose of behandeling. Vertrouw niet blindelings op informatie van het internet; iedere fysiologische situatie is uniek.
Raadpleeg bij serieuze klachten, veranderingen in je gezondheid of het experimenteren met medicatie/supplementen altijd een arts of gekwalificeerde zorgverlener. Je bent zelf verantwoordelijk voor de keuzes die je maakt met betrekking tot je gezondheid.
De route tot nu toe
Het schema loopt in stappen van twee weken, steeds ongeveer vier procentpunt minder bezetting van de dopaminereceptor:
| Stap | Dosis | Sinds |
|---|---|---|
| Start | 0,50 mg | 29 juli |
| 1 | 0,40 mg | 12 augustus |
| 2 | 0,30 mg | 26 augustus |
| 3 | 0,25 mg | 9 september |
| 4 | 0,20 mg | 23 september |
Wat de cijfers laten zien
Achtenveertig avonden, achtenveertig cijfers. Het eerste wat opvalt: de lijn gaat niet omlaag. Dat is precies wat ik niet durfde te verwachten. Ik begon op een 4, want de eerste dag was zwaar, en de laatste twee weken staan er een 9 en een 10 in.
Het tweede wat opvalt is hoeveel de lijn op en neer gaat. Een 9 op donderdag, een 6 op vrijdag, een 9 op zaterdag. In het begin schrok ik daarvan. Inmiddels weet ik: die schommeling gaat bijna nooit over de medicatie. Die gaat over wat er die dag gebeurde.
Er zit één diep dal in, halverwege september. Een dag die gewoon niet goed was. Die laat ik erin staan, want een grafiek waarin alleen de mooie dagen staan is geen grafiek meer maar een folder. De dag erna stond er alweer een 6, en drie dagen later een 9.
Wat ik in acht weken geleerd heb
1. Slaap is de eerste beschermlaag, niet de medicatie
Als er iets is dat de cijfers voorspelt, is het slaap. Niet de dosis. Na een korte nacht is alles scherper, voller, lastiger, ongeacht hoeveel milligram er in het spuitje zat. Ik ben daarom slaap gaan behandelen als het echte meetinstrument, en de dosis als iets wat daar omheen beweegt.
Daar hoort een praktische regel bij die ik voor mezelf heb vastgelegd: als de vermoeidheid zich opstapelt, gaat eerst de koffie eraf. De afbouw blijft dan gewoon lopen. Cafeïne is de directe verstoorder. Dat is een knop die ik zelf in handen heb, en het is de eerste die ik omdraai.
2. Boosheid is geen symptoom
Dit heb ik moeten leren, en het is misschien wel het belangrijkste. Als je een psychosegevoeligheid hebt, ligt de verleiding op de loer om élke emotie als mogelijk voorteken te lezen. Word je boos over een kapotte server of een vervelend telefoontje? Dan is dat boosheid over een kapotte server. Geen vroegmarker.
Het verschil tussen “ik ben kwaad omdat dit klote is” en een daadwerkelijk signaal is groot. Alles als signaal lezen maakt je alleen banger voor je eigen gevoelsleven.
3. Pauzeren doe je op de stap waar je bent
Als het even niet gaat, ga ik niet terug omhoog. Dan blijf ik staan waar ik sta, net zo lang als nodig. En de stap dáárna duurt dan standaard drie weken in plaats van twee. Die regel heb ik voor mezelf vastgelegd toen ik begon, en dat werkt rustgevend: stilstaan hoort bij het plan.
4. Prikkels tellen niet alleen op, ze verschillen van soort
De afgelopen week was voor mijn doen extreem vol. Maar het waren allemaal mensen die mij goed gezind waren. Dat blijkt iets heel anders te doen dan een even volle week met conflict erin. Hetzelfde volume, een totaal andere rekening achteraf.
En wat er ondertussen gebeurde
Dit zijn geen weken geweest waarin ik voorzichtig op de bank zat af te wachten. Juist niet:
- een interview met De Stentor, dat met foto in de krant kwam
- de ALV van Anoiksis in Eindhoven, waar ik me heb laten horen. Die dag kreeg een 9
- een workshop voor mentaal.nl rond Bonfire
- meewerken aan wetenschappelijk onderzoek naar AI bij psychosegevoeligheid
- de Insight-meetup in Amersfoort, tussen nieuwe mensen
- een podcastopname in Amsterdam, met een wetenschapper
- en gisteren Evanescence. Uitverkochte zaal, volle bak, nergens last van. Dat werd de eerste 10 van deze hele reeks.
Tussendoor vierde ik vijf jaar PCPal en zes jaar samen met Renske. En er waren “schermloze zondagen” die hoge cijfers scoorden. Dat is geen toeval; dat is een geplande en werkende manier om te onthaasten en ontprikkelen, als ook quality time met mijn geliefde door te brengen.
Waar ik nu sta
Eerlijkheid gebied te zeggen: ik slaap minder dan ik gewend ben. Gemiddeld rond de zes uur, waar ik er zeven wil. Mijn rusthartslag is met één slag omhoog gegaan en ik heb me deze maand flink ingespannen. Dat zijn geen alarmbellen, maar het is wel de richting waar ik naar kijk.
Die vergelijking kan ik hard maken, want Google Health stuurt elke week een rapport en ik heb er twaalf. De vier weken voor de eerste verlaging sliep ik gemiddeld 6 uur 46 minuten per nacht. Over de acht weken afbouw daarna is dat 6 uur 23 minuten. Een verschil van 23 minuten.
Er is nog iets wat ik al jaren bijhoud en wat bij dit middel meer zegt dan je zou denken. Risperidon staat bekend om gewichtstoename. Ik sta onregelmatig op de weegschaal, vijftien keer sinds de start van de afbouw. Het gemiddelde is 99,4 kilo. Begin 2025, ruim anderhalf jaar eerder, was dat 99,6. Dat verschil verdwijnt in de ruis van een gewone weegschaal.
Ik had verwacht dat er iets zou gaan zakken zodra de dosis zakte. Dat gebeurt tot nu toe niet. Mijn gewicht beweegt binnen dezelfde kleine marge als altijd, ergens tussen de 98 en de 101 kilo. Voor de volledigheid: dit is een eigen weeglog en geen gecontroleerde meting, op wisselende tijdstippen en met wisselende kleding.
Daartegenover: ik functioneer, ik heb geen conflicten, ik loop nergens op vast, en ik kom de dag door met energie. De cijfers van de afgelopen twee weken zijn de hoogste van de hele reeks.
Toen ik dit vanochtend schreef was ik van plan om vanavond door te gaan naar 0,2 milligram. Het schema is een routekaart en geen voorschrift, dus het zegt me niets wat ik moet, en ik dacht dat alles wat ik meet dezelfde kant op wees.
Vanavond heb ik dat teruggedraaid. Ik blijf op 0,25 milligram en las een pauze in. De slaapcijfers gaven de doorslag. Vijf uur negenendertig gemiddeld in de laatst gemeten week, terwijl ik zeven uur wil halen. Een stap zetten op het moment dat juist die ene meetwaarde de verkeerde kant op beweegt, dat is het soort ding waar ik over twee weken spijt van heb.
Ik heb er meteen een harde voorwaarde aan gehangen voor mezelf. De volgende stap mag pas als ik minimaal drie keer zeven uur slaap heb gehad. Ik moet die slaap gewoon hebben. Ondertussen drink ik valeriaanthee en houd ik “koffie niet meer drinken” achter de hand.
Dat dit stuk in één dag van “ik ga door” naar “ik wacht” schoof, laat ik er expres in staan. Zo gaat het namelijk echt.
